De voet
Schneeberg, Oostenrijk
Nikon Z5 - NIKKOR Z 24-120mm f/4 S
Voor mijn werk moest ik naar Oostenrijk, in de stad Wenen. En tja… als Nederlander ben je natuurlijk niet bepaald opgegroeid tussen de bergen. Dus dit leek me dé kans om eindelijk eens een echte berg op te zoeken. Mijn zoekopdracht was simpel: “dichtstbijzijnde berg”. Zo kwam ik uit bij de Schneeberg, in Neder-Oostenrijk. De naam lijkt op Nederland, maar daar houdt de vergelijking dan ook meteen op 😜.
Ik had uitgezocht dat je er het makkelijkst met de trein komt, ongeveer een uurtje reizen. Kaartje gekocht, route uitgestippeld, hotel naast het station… helemaal voorbereid. Totdat ik natuurlijk meteen de eerste trein miste. Maar uiteindelijk zat ik in de juiste trein én in het juiste deel van de wagon, want die trein bestond dus uit twee delen. De rit ernaartoe was al prachtig; het landschap werd steeds heuvelachtiger en het laatste stuk klom de trein al merkbaar omhoog.
Eenmaal aangekomen ontdekte ik dat er een bergtreintje was: de Salamander. Mijn hele plan ging direct overboord. Dit móést ik doen. Alleen… er waren geen kaartjes meer tot laat in de middag. Dus ik stond daar wat te balen en te ijsberen, tot ik op het bord zag dat er één kaartje vrijkwam voor de volgende rit. Ik had 'm.
De Salamander zat hutje-mutje vol en ging steil omhoog, maar het uitzicht was al prachtig. Boven aangekomen voelde het alsof een droom uitkwam: een panorama dat je stil krijgt. Vanaf daar ben ik de route naar de top gaan volgen. Ik was blij dat ik mijn wandelschoenen aan had, want het pad was rotsachtig, met sneeuw, en af en toe moest ik echt even op adem komen. Maar met zulke uitzichten is dat geen straf. Het laatste stuk ging zelfs met handen en voeten omhoog.
En toen stond ik daar: op 2076 meter hoogte. Ik was eerlijk gezegd best trots dat ik het gehaald had. Ik heb daar een tijd gezeten, gewoon genieten. Het viel me op dat ik bijna niemand van de trein terugzag, blijkbaar was ik één van de weinigen die helemaal naar de top ging.
Na een kleine afdaling kwam ik bij een hutje met een terrasje waar ze een heerlijk biertje verkochten. Daarna begon de afdaling, die allesbehalve saai was. Een stuk pad was zelfs weggeslagen, waardoor je met een touw over de sneeuw moest afdalen. Dat maakte het avontuur compleet.
Uiteindelijk weer in de Salamander, daarna in de trein terug, rozige wangen, vermoeide benen, maar zó voldaan.